Wat is Reïncarnatie?

Wat is Reïncarnatie?

Wat is Reïncarnatie?

Reïncarnatie wordt in de klassieke Vedische teksten van India samsara genoemd. Het woord samsara komt uit het Sanskriet (oudste taal ter wereld) en betekent gebonden zijn aan de cyclus van herhaaldelijke geboorte en dood door verschillende levens heen. Dit werkt als volgt, degenen die materieel geconditioneerd zijn, verhuizen naar verschillende lichamen naar gelang hun verlangen, de activiteiten die zij in hun verleden gedaan hebben (karma) alsmede hun verwantschap. De verlangens van zulke personen, indien deze materieel gemotiveerd zijn, hebben een fysiek lichaam nodig om in staat te zijn iets te doen aan hun materiële verlangens in de verschillende stadia van het leven.

Over het algemeen wordt er in de Oosterse tradities geloofd dat alle vormen of soorten van leven een ziel hebben, welke de entiteit is dat reïncarneert. Voordat een entiteit klaar is om als mens op Aarde te incarneren, kan de ziel al een reeks van geboorten hebben doorlopen om zo verschillende niveaus van het bestaan en bewustzijn te ervaren. Het principe bestaat er uit dat een entiteit door het lichaam van verschillende soorten levende wezens vooruitgang kan maken, rustig aan omhoog klimmend naar de menselijke vorm. Uiteraard is het lichaam slechts de behuizing van de ziel waarin hij zich manifesteert. Het levend wezen zal continue opwaarts bewegen in de cyclus van reïncarnatie tot het alle hoofdvariëteiten van het bestaan heeft ervaren die het stoffelijk bestaan heeft te bieden. Op die manier zal tegen de tijd dat het levend wezen via verschillende vormen het menselijk stadium heeft bereikt, volomen ervaren zijn in het bewerkstelligen van materiële verlangens.

Natuurlijk hoeft niet elk wezen hier allemaal door heen te gaan.

In de Vedische teksten van India wordt zeer uitgebreid uitgelegd hoe reïncarnatie werkt. De Bhagavad-Gita (8.6) verklaart dat welk gemoedstoestand of bewustzijn iemand ook heeft wanneer hij of zei dit lichaam verlaat, hij of zij eenzelfde toestand verkrijgt in het leven hierna. Dit betekent dat, na dat de persoon zijn of haar leven geleefd heeft, de talloze verschillende activiteiten van die persoonsvormen zorgen voor een verenigd bewustzijn. Al onze gedachten die we hebben gehad en de activiteiten die we in ons leven hebben gedaan, onze gemoedstoestand op het moment van de dood, collectief zullen beïnvloeden. Dit bewustzijn zal bepalen wat die persoon aan het denken is op het eind van diens leven. Omdat deze gemoedstoestand mee word gedragen naar het volgend leven zullen deze laatste gedachte en bewustzijnstoestand er dan hoogstwaarschijnlijk toe leiden waar die persoon in zijn of haar volgend leven naar toe zal gaan.

Zoals het verder uitgelegd is, draagt het levend wezen de verschillende niveaus van bewustzijn van het ene lichaam naar het andere, precies zoals de lucht verschillende aroma’s met zich meedraagt. Daardoor kunnen we de aroma’s die de lucht met zich meedraagt niet zien, maar kunnen wel worden waargenomen door het reukzintuig. Op deze zelfde manier kunnen we niet zien welke types van bewustzijn het levend wezen heeft ontwikkeld, maar het wordt op het punt van de dood meegedragen van dit lichaam naar het andere lichaam in het volgend leven om dan in het nieuwe leven dit bewustzijn verder te ontwikkelen vanaf het punt waar men gebleven was. Uiteraard kan het volgend leven in een ander fysiek lichaam, in een fijn stoffelijk lichaam tussen de twee geboortes in, of zelfs in hemelse of helse toestand zijn.

Na de dood zal men het bewustzijn, dat in dit leven is gecultiveerd, voortzetten.

Het is onze gedachtestroom dat het bewustzijn produceert en die ons na de dood leidt naar de benodigde ervaring. Iemands staat van bewustzijn of conceptie van het leven bevindt zich in het fijnstoffelijke lichaam, dat uit de geest, het valse ego en intelligentie bestaat. De ziel is bedekt door dit fijnstoffelijke lichaam welke zich in de grofstoffelijke materiële vorm bevindt. Wanneer het fysieke lichaam niet meer functioneert word het fijnstoffelijke lichaam en de ziel er uit gezet. Wanneer de tijd rijp is, worden ze in een ander fysiek lichaam geplaatst die de gemoedstoestand van de levende entiteit gepast kan huisvesten. De mentale toestand die een doodgaande man heeft, zal uitmaken hoe hij zijn nieuw leven beginnen zal. Wanneer de gedachte van een doodgaande man geabsorbeerd is in materieel gewin of de zinnelijke geneugten van vrouw, familie, dierbare, het huiselijke leven, enzovoort, dan zal hij, wanneer hij op een gegeven moment een ander materieel lichaam krijgt, zijn wereldse interesses vervolgen en realiseren. Want, hoe kan men materiële verlangens behartigen zonder een materieel lichaam?

Om deze reden, is het in feite gewenst dat een persoon altijd vrome activiteiten cultiveert en spirituele gedachten heeft, zodat hij na de dood een beter leven kan ingaan. Als een persoon geprobeerd heeft zijn knopen van gehechtheid aan het materiële leven te ontwarren en zich heeft toegelegd op spirituele activiteiten, zal hij of zij, afhankelijk van het niveau van spirituele vooruitgang, het hemelse rijk of zelfs het koninkrijk van God kunnen bereiken

In elk geval is het begrijpelijk dat doodgaan met het juiste bewustzijn, om dan bevrijd te raken van de cyclus van geboorte en dood, oefening vereist en daardoor op zich een kunst is. We zullen ons moeten voorbereiden op het moment van de dood zodat we niet in een ander of wankele bewustzijnstoestand verkeren wanneer de dood intreedt. Dit is één van de functies van yoga.

Het kan zijn, nadat we door verschillende vormen van levende wezens misschien wel miljoen maal worden geboren en doodgaan, trachtend elk van diens materiële verlangens te bevredigen, de ziel moe kan worden van het constant proberen van het verkrijgen van geluk en dat maar al te vaak eindig van aard is. Dan zal de persoon zich kunnen richten op het realiseren van de spirituele betekenis in diens leven. In iemands zoektocht naar hogere betekenis, afhankelijk van het niveau of bewustzijn dat een persoon ontwikkelt, kan hij of zij stapsgewijs steeds hogere niveaus van ontwikkeling bereiken. Uiteindelijk, wanneer een persoon waarneemt dat hij of zei niet dit lichaam is maar een spiritueel leven en een niveau van spiritueel bewustzijn bereikt, dan kan hij zijn leven perfectioneren zo dat hij het spirituele niveau van bestaan zal ingaan en niet meer hoeft te incarneren in de materiële wereld. En zo wordt bevrijding door middel van zelfrealisatie en het ontwikkelen van toegewijde dienst aan God verwerkelijkt. Dé perfectie op het spirituele pad. Door het menselijke bestaan op aarde, is passage naar vele andere dimensies van bestaan, inclusief toegang tot de spirituele wereld, mogelijk,. Het hangt er enkel maar af van hoe we dit huidige leven benutten.

Het idee dat een persoon maar één leven heeft om gekwalificeerd te raken voor de hemel of eeuwige verdoemenis biedt de ziel geen mogelijkheid tot eerherstel. Dat is niet redelijk. De doctrine van reïncarnatie geeft iedereen meer dan genoeg visie om zichzelf te corrigeren en heronderwijzen. Het is onlogisch door te stellen dat eeuwig in de hel te verblijven, betekent dat er een oneindig effect is geproduceerd door een eindige oorzaak. God heeft de mensen niet geschapen om te dienen als een oneindige bron van brandstof om de vuren van de hel te voeden. Dit is niet het doel van een al-liefhebbende God, maar is afkomstig van de bekrompen ideeën van de mens en zijn imperfect begrip van God. Men kan zich afvragen hoeveel onbezoedelde mensen er in deze wereld zouden zijn, die zo een puur karakter hebben om direct toegang tot de hemel te krijgen. De Bhagavad-Gita verklaard dat zelfs de grootste zondaar de oceaan van geboorte en dood kan oversteken door de boot van transendentale kennis te nemen. We hoeven simpelweg oprecht te zijn om deze boot te bereiken. Verder oogst een persoon de vruchten van zijn zondige daden voor een beperkte tijd. Na verlost te zijn van de zonden, dat is het lijden van de pijnlijke reacties op je zondige activiteiten, kan een persoon, die goed van slecht kan onderscheiden, een nieuwe start maken om ongebonden te werken voor diens emancipatie van gebondenheid in het stoffelijk bestaan in de toekomst. Wanneer hij het verdient en zulk een vrijheid heeft bereikt, dan zal de ziel perfect kunnen genieten van oneindige gelukzaligheid in toegewijde eenheid met de Allerhoogste. Dit is waarom iemand steeds wordt aangemoedigd om te streven naar spirituele kennis en verlichting. Door het ontwikkelen van oprechte en zuivere toewijding voor de Heer, hoeft men zich geen zorgen te maken over zijn toekomstige geboorte. Als een persoon eenmaal begonnen is op het pad van toewijding, zal elke geboorte hem een stap verder brengen naar de spirituele perfectie, in wat voor situatie hij of zij zich ook bevind.

Zo wordt een persoon aangemoedigd om berouw te hebben voor diens zondige daden of ondeugdelijke keuzes die hebben plaatsgevonden onder invloed van lust, woede of hebzucht om daarna vergiffenis, zuiverheid en mildheid te ontwikkelen. Een persoon dient zich tevens toe te leggen op liefdadigheid, boetedoening, meditatie en het zingen van de heilige namen van de Heer (japa). Daarnaast zal het gezamenlijk zingen van de heilige namen (kirtana) van de Heer en andere spirituele activiteiten, alle zonden vernietigen en twijfels over spirituele kennis te niet doen.

Dan door middel van het regelmatig en stabiel praktiseren, kan men de spirituele wereld bereiken en worden bevrijd van de cyclus van leven en dood (reïncarnatie).